Katten

Preventieve zorg (parasieten/vlooien/ontwormen)

Vlooien zijn een veel gezien probleem. Bij menig kat en hond op consult worden deze kleine bloedzuigende parasieten gezien. Soms tot grote schrik van de eigenaar en zelfs bij nette maandelijkse behandeling (vaak met een niet goed werkend middel). Sommige middelen die op de markt zijn, werken niet goed meer doordat er resistentie is opgebouwd. Bij de dierenarts zijn de nieuwste en meest effectieve vlooienmiddelen beschikbaar. Naast de hond en de kat kunnen konijnen, fretten en ook de mens gebeten worden door vlooien.

Vlooien bij de kat

Er zijn 2 vlooien die problemen geven, de honden- en de kattenvlo. In de praktijk is het de kattenvlo die het meest gezien wordt (ook bij de hond). Na besmetting en een bloedmaaltijd van uw huisdier legt de vrouwelijke vlo haar eitjes (tot 50 per dag) en deze komen in uw huis terecht. De eitjes komen uit en de larven leven van schilfers en ontlasting van de volwassen vlo. Na enkele weken verpopt de larve zich, in dit stadium kan de larve tot 1 jaar overleven. Onder invloed van trillingen (wanneer u of uw huisdier langsloopt) ontpopt de volwassen vlo zich en gaat op zoek naar een nieuwe gastheer. Een groot gedeelte van een vlooienleven speelt zich dus niet af op uw huisdier, maar in de kieren en kleden van uw huishouden. Het is dan ook zo dat maar 5% van de vlooienpopulatie zich in de volwassen stadia bevind, oftewel 95% zit in uw huis.

Je vindt niet altijd levende volwassen vlooien op uw huisdier, maar dit wil niet zeggen dat ze niet aanwezig zijn. Soms vind je alleen de vlooienontlasting in de vacht in de vorm van zwarte korreltjes. De meeste huisdieren ervaren heftige jeuk. Bij de kat zien we echter regelmatig dat ze  minder jeuk lijken te hebben, maar er korstjes en kale plekken op de huid aanwezig zijn.  

Redenen om de vlooien te bestrijden:

  • ·Jeukklachten: vlooien kunnen veel jeuk en overlast veroorzaken bij uw huisdier. De vlooien bijten voor een bloedmaaltijd en dit ervaart uw huisdier als vervelend. Soms springt of hapt uw hond of kat alsof ie gebeten wordt.
  • Wormen: vlooien zijn tussengastheer voor de lintworm. Als een hond of kat een besmette vlo opeet (door te likken en happen in de vacht) kan hij/zij zichzelf besmetten met lintwormen. Kinderen kunnen ook op deze manier besmet raken.
  • Vlooienallergie: sommige dieren zijn extra gevoelig voor het speeksel van vlooien. Bij deze dieren ontstaat een heftige reactie op soms maar enkele vlooienbeten. Deze dieren krabben zichzelf helemaal kapot.  Hier is alleen een vlooienmiddel niet voldoende en moet ook de jeuk en soms de wonden worden behandeld.

Stappenplan voor een effectieve vlooienbestrijding: 

  • Gebruik een werkzaam middel
  • Houdt u aan de bijsluiter
  • Alle dieren in huis (honden, katten en soms konijnen)
  • Voor het juiste gewicht
  • Stofzuig uw huis goed en was de kleedjes
  • Bij een uitbraak MOET ook het huis behandeld worden (indoor spray).

Wormen bij de kat

De meest voorkomende wormsoorten bij de hond en de kat binnen Nederland zijn de spoelworm (Toxocara Canis) en de lintworm (Dipylidium caninum cati). Niet van alle wormen is iets terug te vinden in de ontlasting, dus ook op het oog normale ontlasting kan wormen of wormeieren bevatten.

Spoelwormen bij hond en kat

Het grootste deel van de levenscyclus van de spoelworm speelt zich af in het lichaam van het dier (dunne darm, lever en longen). Het enige wat je van buiten soms ziet, is de volwassen spoelworm in het braaksel of ontlasting. Deze wormen zien eruit als spaghettislierten en zijn tot 18 centimeter lang bij de hond en tot 10 centimeter lang bij de kat. De eitjes in de ontlasting zijn niet met het blote oog te zien.

Uw huisdier kan zich besmetten door eitjes uit de omgeving te eten (ontlasting van een besmet dier) of door het opeten van een besmet prooidier (kleine knaagdieren). Pups kunnen al besmet raken in de baarmoeder en zowel pups als kittens kunnen besmet raken via de moedermelk (fig. 1). Als laatste zijn de eitjes uit de ontlasting besmettelijk voor de mens, vooral voor kinderen en zwangere vrouwen is dit een groot risico. Uit onderzoek blijkt dat 10% van de Nederlandse bevolking ooit een spoelworminfectie heeft doorgemaakt.

Bij volwassen dieren merk je vaak weinig van een spoelworminfectie. Ze vormen echter wel een bron van infectie voor de omgeving. Bij jonge dieren kunnen de gevolgen echter groter zijn. Diarree, hoesten, zwakte, dikke buikjes en afvallen zijn symptomen die vaak gezien worden. Een heftige onbehandelde spoelworminfectie bij een jong dier kan zelfs de dood tot gevolg hebben. Bij de mens maken de larven die uit de eitjes komen een trektocht door het lichaam. Ze kapselen zich in op verschillende plekken in het lichaam met kleine ontstekingsreacties en vage klachten als gevolg.

Lintwormen bij de hond en de kat

Ook de lintworm leeft in de dunne darm. De lengte kan verschillen van enkele centimeters tot meer dan een meter. De worm bestaat uit een kop met daarachter een groot aantal kleinere segmenten (proglottiden). Deze segmenten zijn gevuld met eitjes en laten na rijping los. De proglottiden kunnen zelfstandig uit de anus kruipen en kunnen zichtbaar zijn in de ontlasting en in de haren rond de anus. Wanneer ingedroogd zien ze eruit als rijstkorrels. De lintworminfectie kunt u als eigenaar dus wel thuis vaststellen.

De lintworm wordt via een gastheer opgenomen. Meestal zijn dit besmette vlooien of luizen (fig. 2). Na besmetting kan ontsteking van de darm, braken en diarree het gevolg zijn. Door irritatie van de anus wordt soms schuren met het achterwerk over de grond gezien. Bij het opeten van de eitjes of segmenten kunnen kinderen zichzelf besmetten, de gevolgen hiervan zijn echter minder groot dan bij spoelworminfecties.

Waarom is regelmatige ontworming noodzakelijk?

Het is van groot belang voor de hond en de kat maar ook voor de volksgezondheid en vooral voor kinderen om uw huisdier zo veel mogelijk wormvrij te houden. Met een frequente ontworming van pups en kittens en een vierjaarlijkse ontworming van volwassen dieren draagt u gemakkelijk bij aan een goede bescherming van uw huisdier en uw gezin.

Het larvale stadium van de spoelworm (stadium na opname en uitkomen van het eitje, fig. 1) is over het algemeen minder gevoelig voor de gebruikte wormmiddelen. Met de ontworming pakt u dus alleen het volwassen stadium van de spoelworm ‘de worm zelf’ aan. Wanneer u na ontworming een grote hoeveelheid spoelwormen in de ontlasting ziet zitten, is het aan te raden om na 3-4 weken de ontworming te herhalen. Dit om de larven, die dan inmiddels volwassen wormen zijn geworden, alsnog te doden.

Ontwormingsadvies

Gebruik een middel wat werkzaam is tegen de te behandelen wormen en waar nog geen resistentie van bekend is. Zo worden bijvoorbeeld niet met alle middelen tegen de lintworm ook de spoelwormen gedood. De middelen die wij op de praktijk adviseren zijn Milbactor en/of Drontal. Beide middelen zijn werkzaam tegen spoel- en lintwormen. Naast deze wormen is Milbactor ook geregistreerd voor hartwormen (een parasiet die in het buitenland van belang is) en Drontal voor haak- en zweepwormen (minder vaak voorkomende wormen).

 Ook wanneer uw huisdier niet buitenkomt, is het van belang om uw huisdier regelmatig te ontwormen. Er is namelijk altijd (indirect) contact met de buitenwereld. Bijvoorbeeld door uw straatschoeisel, bezoek, zand en stof met de wind. De besmettelijke eitjes zijn zo klein dat ze niet met het blote oog gezien kunnen worden.

Ontwormingsschema (advies van faculteit diergeneeskunde) :

  • Pups: op 2, 4, 6 en 8 weken, daarna elke maand tot 6 maanden
  • Kittens: op 4, 6 en 8 weken, daarna elke maand tot 6 maanden
  • Volwassen dieren: 4 keer per jaar
  • Bij aanwezigheid van zwangere vrouwen en kleine kinderen vaker ontwormen (minstens 4 keer per jaar, liefst elke maand)
  • Teven en poezen voor de dekking 1 keer ontwormen en na de bevalling nogmaals.

 Hygiëne :

  • Zandbakken afdekken zodat honden en katten er niet in kunnen
  • Persoonlijke hygiëne na spelen in de zandbak of tuinieren
  • Regelmatig reinigen kattenbak met kokend water
  • Regelmatig reinigen van de ligplaatsen van uw huisdier (vloer, mand, kleed)

Voor advies op maat: neemt contact op met onze Dierenkliniek.